HOME  |  Projecten  |  Groenstructuurplan  |  Ecologisch beheer

Ecologisch beheer

Bij de inrichting en het beheer van groene structuren in de dorpen kan gekozen worden uit vier typen van ecologische inrichting. Bij die keuze is het niet alleen van belang rekening te houden met wat er stedenbouwkundig het beste past, het mooist is, en wat goed te beheren is, maar ook met de ter plaatse aanwezige ondergrond en waterstand. Deze moeten geschikt zijn voor de soorten die men wil aanplanten.

Spontane ontwikkeling

Op een terrein dat groot genoeg is, kan niets doen een zeer waardevolle ecologische ontwikkeling geven. Er gaan soorten groeien die het onder die lokale omstandigheden goed redden: pioniers. Er ontstaat een natuurlijk beeld met planten in verschillende groeistadia. Deze vorm is met name geschikt voor de randen van de dorpen.

Inheems

Deze tweede vorm betreft inrichting met gebiedseigen beplanting, bijvoorbeeld in de vorm van kruidenrijke randen, bloemenakkers, extensief beheerde grasstroken en houtwallen. Alles afhankelijk van de omvang van het gebied. In deze vorm is ook ruimte voor natuurspeeltuinen. Het lijkt misschien tegenstrijdig, maar de verstoring door mensen kan soms juist leiden tot waardevolle biotopen, doordat er soorten opkomen die van nature in het gebied voorkomen en tegen de verstoring bestand zijn.

Combinatie van inheems en uitheems

Bij deze vorm is de herkomst van de planten niet zozeer van belang. Leidend zijn de sierwaarde en de ecologische meerwaarde. Hier geldt het uitgangspunt dat zowel inheemse als uitheemse soorten kunnen bijdragen aan biodiversiteit. De aanwezige beplanting moet voor de fauna voedsel bieden. Deze vorm lijkt op de tweede vorm omdat het kan gaan om kruidenrijke randen, bloemenakkers, extensief beheerde grasstroken en houtwallen. Ook hier is het weer afhankelijk van de omvang van het gebied. Soorten als vlinderstruik, krent, vrouwmantel, ooievaarsbek kunnen hier heel goed een plaats vinden. Belangrijk aandachtspunten bij het selecteren van uitheemse soorten is dat er geen invasieve soorten worden aangeplant.

Uitheems

Vaak wordt voor dit type gekozen omwille van de sierwaarde: men wil een fraai park aanleggen. En hoewel de ecologische waarde van uitheemse soorten over het algemeen minder is dan die van inheemse, hebben ze bepaalde diersoorten toch veel te bieden. Het is dus zaak dat de juiste soorten gekozen worden.

In onze gemeente komt de keuze voor uitheemse soorten vaak voort uit de historie van de buitenplaatsen en landgoederen, waar van oudsher exoten worden aangeplant. Het is dus een keuze die past in dit gebied.

Beleid

Ecologische kennis bij onderhoud

Voor groenstructuren die belangrijke ecologische verbindingen vormen, mogen alleen aannemers werken die aantoonbaar ecologische kennis hebben op het gebied van beheer en aanleg. De gemeentemedewerkers die zich bezighouden met het onderhoud van het openbare groen, werken volgens een goedgekeurde ecologische gedragscode.

https://mijn.rvo.nl/gedragscodes-gemeenten

Bodemtype en grondwaterniveau

Om te zorgen dat nieuwe aangeplant groen tegen een stootje kan, wordt bij de keuze van de soort en het beheertype rekening gehouden met het bodemtype en het grondwaterniveau. Soorten die goed gedijen bij het aanwezige bodemtype en grondwaterniveau, zijn over het algemeen minder vatbaar voor ziektes en hebben bovendien minder onderhoud nodig.

Gebiedseigen soorten

Er wordt bij de aanplant van nieuwe bomen en planten zo veel mogelijk gewerkt met gebiedseigen soorten, die afkomstig zijn uit de directe omgeving. Zo kan het voedselniveau voor diersoorten die hier van nature voorkomen, zo hoog mogelijk worden gehouden. Denk aan boomsoorten als wilg, zomereik, wintereik, zachte berk en ruwe berk.

Invasieve soorten

Exotische plantensoorten die zich snel verspreiden en inheemse soorten verdringen, noemen we invasief. We proberen ze zo veel mogelijk te bestrijden. Dat is niet altijd gemakkelijk. Bij de Japanse Duizendknoop vind bijvoorbeeld juist bij het maaien gemakkelijk verspreiding plaats via de maaimachine. Het is dus belangrijk om hier zorgvuldig mee om te gaan en volgen de kennisontwikkeling op dit vakgebied goed.

Draagvlak

Extensief beheer met als doel om de natuur haar gang te laten gaan en zo een ecologisch waardevol gebied te creëren kan soms een wat rommelige indruk wekken. Niet iedereen is daar blij mee. Een toelichting op de waarde van dat groen voor de biodiversiteit is dan op zijn plaats. Ook moet steeds zorgvuldig worden gekeken waar dergelijk extensief beheer passend is.

Natuureducatie

Belangstelling en gevoel voor de natuur ontstaat al bij kleine kinderen. Dit gegeven kunnen we aanwenden om kinderen op een leuke manier kennis te laten maken met de natuur. Als kinderen er plezier in hebben en de schoonheid ervaren, is de kans groot dat hun waardering voor de natuur toeneemt en ze er later minder snel overlast van zullen ervaren. Ook bij volwassenen kan door middel van voorlichting en informatie het draagvlak voor de natuur worden vergroot.