Struikelstenen in Maarsbergen
Een werkgroep onderzocht welke inwoners in aanmerking komen voor een herdenking met een Struikelsteen. De eerste inventarisatie is afgerond en de eerste serie struikelstenen is gelegd. Deze pagina gaat over de struikelstenen in Maarsbergen.
Struikelstenen herinneren ons aan inwoners of onderduikers die slachtoffer zijn geworden van het nationaalsocialisme. We zullen hen niet vergeten. Deze stenen worden geplaatst in de directe nabijheid van het huis waarin het slachtoffer het laatst (vrijwillig) verbleef.
Woudenbergseweg 34 (Valkenheide)
Hier woonde
- Dirk Noordam
- Geboren 1881
- Gefusilleerd 8 september 1944 op Valkenheide
Omstandigheden
Dirk Noordam werd in 1881 geboren in Naaldwijk. Volgde een opleiding tot onderwijzer, trouwde en kreeg 4 zoons en 4 dochters samen met zijn vrouw Engeltje van den Berg.
In 1913 kreeg Noordam een functie op Valkenheide, vanaf 1922 was hij er directeur. In 1934 werd Noordam onderscheiden als Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Hij werd alom gerespecteerd.
Valkenheide had bewogen oorlogsjaren. In 1939 werden Nederlandse militairen op het terrein gelegerd. Ze betrokken de boerderij en de ziekenzaal met bijvertrekken werd tot kantonnementsziekenhuis verklaard.
Na de capitulatie steeg het aantal pupillen in Valkenheide. Op een gegeven moment had Noordam 176 pupillen onder zijn hoede. Een pittige taak. Financieel liepen tekorten op, voedsel werd schaars en Noordam moest zich steeds vaker verantwoorden over hoe Valkenheide met de bezetting omging. De bezetter trachtte invloed te krijgen op het schoolsysteem van Valkenheide en om pupillen te werven voor het Duitse leger. Met het nodige kunst- en vliegwerk probeerde Noordam de invloed van de Duitsers af te houden. Eind 1942 lekte het plan uit om hem te ontslaan als directeur en te vervangen door een NSB'er. Het hele personeel dreigde toen op te stappen. Noordam kon blijven zitten. Maar wist de ogen van de bezetter op zich gericht.
Noordam was politiek actief. Al voor de oorlogsjaren was hij wethouder. Zijn werk werd echt lastig vanaf het moment dat burgemeester Everwijn Lange in april 1943 plaats maakte voor de NSB-burgemeester De Monyé. De Monyé vertrouwde Noordam niet. Op 25 juni 1943 werd Noordam thuis opgepakt en verhoord. En al snel weer vrijgelaten. Daarna werd de boer van Valkenheide gearresteerd omdat hij zijn radio niet ingeleverd zou hebben. Ondanks alles was Noordam betrokken bij het plaatselijk verzet.
De leiding van de Maarsbergense verzetsgroep lag bij Christinus (Chris of Stinus) Blom. Een belangrijk werknemer van Noordam op Valkenheide. Op 3 september 1944 werd Chris Blom benaderd door de heer Lagemaat uit Leersum. Lagemaat had al contact gehad met Noordam. Zij hadden besproken om Valkenheide na de Duitse capitulatie te gebruiken als strafkamp voor NSB'ers. Op 5 september [de dag die als dolle dinsdag de geschiedenis inging) had Chris Blom een onderhoud met Noordam. Waarin ze spraken over het aanhouden van de NSB'er Van Aardenne. ’s Avonds vertelde Noordam aan Chris Blom gebeld te zijn uit Leersum met het verzoek om vijf logeergasten op te nemen. Chris Blom vroeg of dit niet een beetje te voortvarend was. Noordam antwoordde: “Och jongen, de Duitsers vluchten het land uit, en je hebt toch ook de burgemeester horen janken”. Daarmee bedoelde hij de Monyé. Later op de avond vertelde Noordam Blom, dat er nog een telefoontje was gekomen met de mededeling, dat er nog drie logeergasten bijkwamen.
Op woensdagmorgen 6 september had Noordam een samenkomst met burgemeester De Monyé en medewethouder Van Beuningen. ’s Middags kwam Chris Blom thuis en trof bij verrassing de LO- en BVG-leider van Leersum met de opgepakte NSB-burgemeester van Leersum. De burgemeester van Leersum werd naar het isolatiepaviljoen gebracht. Chris Blom verwittigde Noordam. In de nacht van 6 op 7 september 1944 kreeg Noordam een hartaanval. Mogelijk trok hij de ontwikkelingen meer aan dan hij Chris Blom had willen laten merken. Noordam kreeg daar bovenop een longontsteking.
Chris Blom werd zelf op 7 september 1944 vroeg in de ochtend wakker door steentjes tegen zijn ruit. Daar stond de heer Lagemaat. Die vertelde dat er nog vijf NSB'ers zouden worden opgebracht. Even later kwam er een auto aan. Maar bij de grens van Valkenheide werd door een wachtpost op de auto geschoten. De auto strandde bij de boerderij van Valkenheide. In de auto zat onder meer de gearresteerde NSB-burgemeester van Wijk bij Duurstede. Blom was ontstemd over de ontwikkelingen. De verzetsleider uit Wijk toonde weinig begrip en dreigde het gezelschap neer te schieten. Blom stelde Noordam in kennis.
Het bleek foute boel. In de middag van 7 september 1944 arriveerde de Sicherheitsdienst (SD) en omsingelde het hoofdgebouw van Valkenheide. De SD zocht inmiddels de betrokken ambtenaren. En de opgeborgen NSB'ers werden al snel bevrijd. Noordam werd ondervraagd en wist aanvankelijk de SD ervan te overtuigen dat hij van niets had geweten. Waarop ze vertrokken.
De volgende ochtend 8 september 1944 kwam de SD echter terug. Al het personeel werd in de kerkzaal verzameld. Vervolgens drongen ze de directeurswoning binnen en stuurden de familie Noordam naar het hoofdgebouw. Noordam zelf, ernstig ziek, werd voor zijn huis in zijn pyjama op een stoel gezet en ter plekke doodgeschoten. Terug uit het hoofdgebouw vond een van zijn dochters het lichaam van Noordam in een bloemperk. Bij inspectie van het huis bleek dat er handgranaten in het huis waren gegooid.
Een paar dagen later werd Noordam begraven op de begraafplaats hier vlakbij. Eens in de 5 jaar herdenken we de dood van Noordam.
Woudenbergseweg 96
Hier woonde
- Emanuel Verveer
- Geboren 1909
- Ondergedoken 23 december 1942
- Gearresteerd 12 oktober 1944
- Gefusilleerd 13 oktober 1944 in Steenwijkerwold
Omstandigheden
Emanuel Verveer werd op 11 april 1909 geboren in Den Haag. Trouwde met Henriëtte Alter. Het echtpaar woonde in Nederland maar zijn als Zionisten in 1934 naar Palestina geëmigreerd. Daar was te weinig werk. Daarom keerde het gezin met 2 kinderen in 1938 terug naar Nederland.
Het echtpaar Verveer-Alter kreeg vier kinderen. Itzchak in 1934 geboren in Haifa, Joseph in 1936 in Ramat, David uit 1939 en Chaja uit 1941 hier geboren.
Emanuel werkte als bouwkundig/technisch ingenieur. Er is een foto van hem samen met zijn kinderen, genomen in Maarsbergen. Dat er foto’s van de familie bewaard zijn gebleven is een wonder. Foto’s hebben van je familie was voor joden extra gevaarlijk.
Na de oorlog heeft mevrouw Verveer geprobeerd om weer terug in Maarsbergen te komen worden.
De familie Verveer werd dagelijks in hun directe omgeving met jodenhaat geconfronteerd. Schuin tegenover hun huis stond een duidelijk voor hen te lezen bord, dat joden niet gewenst waren. Dat bord stond er in veel gemeenten.
In 1942 kwam het bevel dat het gezin Verveer zich moest melden. En werd besloten onder te duiken, het gezin van 6 personen werd opgesplitst. Ieder ging een kant op. Op een document van de gemeente Maarn staat dat het echtpaar Verveer naar Dalerpeel ging. Tussen Hoogeveen en Coevorden. Ook wordt ergens Oudehorne en Nieuwehorne in Friesland genoemd. Henriëtte Verveer en Joseph hebben in Nieuwlande nabij Hoogeveen ondergedoken gezeten. Dalerpeel en Nieuwlande liggen slechts 5 km van elkaar! De oudste zoon werd Jacky genoemd en dook onder in Utrecht. De jongste zoon, Daantje genoemd, had wel 11 onderduikadressen. Chaja kwam in Leiden terecht.
Ir. Verveer werkte bij een Nederlands bedrijf dat werkte voor de Duitse Wehrmacht. Bij de arrestatie door de SD in Zwartsluis had hij geheime aantekeningen over de IJsselstelling bij zich. Die kwamen van het verzet om te bestuderen.
In Steenwijk woonden veel vijanden uit het reeds bevrijde zuiden. Nadat er in de eerste oorlogsjaren weinig gebeurde werd het in de omgeving Steenwijk veel strenger. Na razzia’s, ontdekking van clandestiene slacht, enzovoort werd een aantal mensen gearresteerd en in de Johan van de Kornputkazerne opgesloten. Emanuel Verveer zat daar na zijn arrestatie ook gevangen.
Op 13 oktober 1944 werden zes celnummers willekeurig gekozen. 6 mannen werden naar de schietbaan van Kallenkote overgebracht en gefusilleerd. Met als reden ‘verboden wapenbezit’. Een boer die op het naburige land aan het werk was, kreeg opdracht de 6 lichamen van de schietbaan te halen en naar de begraafplaats in Kallenkote te vervoeren. Die tijd was ook het Niedermachungsbefehl van Adolf Hitler van kracht na een aanslag op zijn leven op 20 juli 1944.
Op 11 september 1944 bracht Karl Eberhard Schöngarth voor Nederland een Niedermachungsbefehl uit. Personen die werden aangetroffen bij een vergadering van een verzetsgroep mochten worden neergeschoten.
Emanuel was een ondergedoken Jood. Dat op zich was voor de bezetter al voldoende aanleiding om hem te vermoorden. Volgens de OGS is Verveer 16 oktober in Kallenkote begraven.
Zijn vrouw en 4 kinderen overleefden de oorlog. Zij woonden een aantal jaren in Den Haag en emigreerden later naar Israël. In Maarn staan de namen van oorlogsslachtoffers uit de woonkernen Maarn, Maarsbergen en Valkenheide op het grote monument tegenover het voormalig raadhuis. Waarom de naam van Emanuel Verveer er niet op staat is ons niet bekend. Misschien omdat hij en zijn gezin in de loop van 1942 uitgeschreven zijn uit de toenmalige gemeente Maarn-Maarsbergen.

